erfgoedkwesties 008 © Carla van Beers 20 November 2009 DEN HAAG


elite, superkapitalisme of
het mecenaat.

Mijn ouders lieten mij in mijn onwetendheid. Groot was de schok toen ik op achtjarige leeftijd besefte dat er zoiets als een jaartelling bestond. Al mijn klasgenootjes waren er van op de hoogte, behalve ik. Dat was in 1966, in de tijd dat ouders hun kinderen nog in Sinterklaas lieten geloven. (...ik heb het mijn eigen kinderen niet meer aangedaan..!)
Ik woonde in een villawijk en had geen notie van de aanwezige rijkdom. Ook de welluidende namen van de families die er woonden zeiden mij niets
Naarmate de tijd vorderde ontwikkelde ik mijn kijk op de wereld, maar omdat alles veranderlijk is hoor en lees ik graag wat anderen te melden hebben. De media verhaalt als een verstandige vader en een liefhebbende moeder, ze praten openlijk over alle facetten van het hedendaagse leven en discussiėren verhit over de voor en nadelen van het moderne bestaan. De woorden onderklasse en elite raken verweesd. Het neoliberalisme heeft het superkapitalisme geļntroduceerd. Gelukkig brengt Marcel van Dam als een oude wijze man de schaduwkanten van de prestatiemaatschappij opnieuw onder de aandacht met een boek getiteld Niemandsland en een film De Onrendabelen.

De redaktie van QUOTE (business-lifestyle-auto's-babes en beursnieuwsmaandblad voor carrieremakers) publiceert jaarlijks een mooie lijst met familiegegevens. Met een top 500 geven ze inzicht in het materiele erfgoed van De Familie Nederland. Wie zijn de hoeders van het geld, wat is hun naam en achtergrond? Nummer 500 is goed voor 45 miljoen. Halverwege de lijst loopt het vermogen op tot acht nullen en de eerste plaats staat op 20,5 miljard euro.
Is er een superlatief voor puissant rijk? Veel geld is vooral lekker, maar lekker is een breed en vooral een normatief begrip. Als kleindochter van een dienstbode heb ik het zelf niet verder dan vier nullen geschopt. Mijn eerste verdiende geld kreeg ik toen ik net op de middelbare school zat en ging oppassen bij een familie in de buurt. Ik was zelf nog een kind en vond het niet makkelijk om de verantwoordelijk te hebben voor drie kleinere exemplaren. Blij was ik dan ook toen de vrouw des huizes weer terugkwam en ik in ruil voor mijn aanwezigheid enkele muntstukjes in mijn hand ontving. Zij sprak daarbij enkele legendarische en dwingende woorden die ik nu nog steeds onrechtmatig vind. Je mag het geld niet gebruiken om snoep van te kopen. Het zit vast heel diep in het Hollandse calvinisme geworteld dat geldgever zeggenschap zou hebben over het uitgave patroon van de ontvanger. Later heb ik het als vanzelfsprekend gevonden toen ik geld ontving van subsidiegevers en goede doelen om een internet en kunstproject in Afrika op te starten. Maar ik heb mijn mening herzien, nu stel ik dit principe ter discussie. Het is totaal uit de tijd. Geld moet rollen zodat de financiele gebruikers een eigen leven kunnen leiden.

Bij het lezen van de Quote 500 vraag mij af wat overmatig veel geld met een mens doet en wat de mens met al het geld moet doen. Er zijn vele wegen te bewandelen, maar het pad van het filantropische gedachtegoed blijft schitteren. Zo ontstond in 1949 de Bernard van Leer Foundation in Nederland. Bernard had een enorm fortuin vergaard met het produceren van oliedrums en andere verpakkingsmiddelen. Zijn zoon Oscar nam de leiding van het bedrijf en de stichting over en zocht naar een optimale wisselwerking tussen ondernemerschap en filantropie. Hij streefde een synthese van kapitalisme en socialisme na. Neerlandicus en onderzoeker Gert Jan Johannes schreef onlangs een boek over het leven van de bijzondere ondernemer, getiteld De communicerende vaten van Oscar van Leer. Tegenwoordig heeft de Foundation een jaarlijks budget van 50 miljoen euro en richt het zich overal ter wereld op compensatieonderwijs aan kinderen in de voorschoolse leeftijd. Zo zijn er tal van voorbeelden van hoe de rijken der aarde de minder gefortuneerde medemens ondersteunen. Het oprichten van een fonds op naam is daarvoor een middel. De familienaam blijft voortbestaan en behoudt haar eer.

Het draait om een hedendaagse bijdrage aan de samenleving, de inzet voor goede doelen, voor het openbaar bestuur, of voor een verantwoordelijke positie in het bedrijfsleven. Jaap Donkers, die onderzoek naar de adel in Nederland verrichtte, benadrukt de inzet van het sociaal en cultureel kapitaal. In een speciale editie van ELSEVIER uit 2008 genaamd Adel, hoe leeft de hoogste stand, de families, de huizen, de tradities en de titels lees ik dat de adel haar hoge positie in de Nederlandse samenleving behouden heeft. Ondanks de gedachte dat Nederland een meritocratie is. In een meritocratie zou iemands afkomst of geboorte niet bepalend zijn voor een positie, maar moeten prestaties, talent en ijver hiervoor verantwoordelijk zijn. Voor zijn oratie in 2000 onderzocht Dronkers een kleine vierduizend telgen van 117 Nederlandse adellijke families gedurende de twintigste eeuw. Deze namen vond hij in de adelsboeken. Van al die gemakzuchtige aannames over die open Nederlandse samenleving blijft weinig over. De rol van de adel is helemaal niet uitgespeeld zegt Dronkers in het artikel geschreven door Arthur van Leeuwen. Ze bezitten naast goede manieren, geld en een adellijk netwerk, vooral het sterke besef dat men deel uitmaakt van een traditie, iedereen is ervan doordrongen dat ze een schakel in een keten zijn. Naast het materiėle vlak is er ook de eer van de familie.
In vergelijking tot het patriciaat, concludeert Donkers dat de adel nog steeds wint.
Verschil moet er zijn, het patriciaat staat vermeld in het blauwe boekje dat net als het rode boekje door het Centraal Bureau voor Genealogie (CBG) wordt uitgegeven. Het patriciaat moet zich aanmelden, wordt geselecteerd en betaalt zelf voor vermelding, terwijl de mensen van adel automatisch in de rode boekjes worden opgenomen. De Quote 500 is een soort gele gids van vooraanstaande captains of industry. Hier worden de nieuwe rijken soms geheel tegen hun eigen zin in op een hoop gegooid en samen met de oude adel en het patriciaat te kijk gezet.

We houden het in stand voor de volgende generaties. Het lange termijn denken zit in mijn bloed. Dat hoort bij oud geld. Verantwoord omgaan met vermogen, niet achter snelle winsten aan rennen. Het zijn de woorden van een Van Beuningen telg die ik citeer uit de Quote 500 die deze maand is verschenen. De familie Van Beuningen staat op de 65e plaats in de beruchte top 500. De lijst roept direct allerlei vragen op. Nog nooit waren de rijken zo open over de inhoud van hun portemonnee als afgelopen jaar, zegt Sjoerd van Stokkum, de hoofdredacteur. Het tijdschrift vliegt de winkels uit, iedereen die een fascinatie voor rijkaards heeft smult ervan.
Inmiddels heb ik genoeg met eigen ogen gezien en voel ik mij onverminderd ongemakkelijk. Niet omdat de elite in Nederland wordt gevormd door mannen of door bleekneuzen maar omdat zij weinig respect heeft voor mensen die anders zijn. Zo worden vrouwen, allochtonen en kansarmen grotendeels genegeerd. Het gezegde luidt dan ook: wat je zelf niet kent, dat zie je niet.
Het tijdschrift OPZIJ (het enige echte opinieblad voor vrouwen) positioneert deze maand de 100 machtigste vrouwen van Nederland. Zij laat zich in tegenstelling tot Quote niet door financiele bedragen leiden, maar ze geeft een maatschappelijke ordening aan die gebaseerd is op categorieėn als openbaar bestuur, politiek, onderwijs en wetenschap, sport, justitie en openbare orde, media, gezondheidszorg, cultuur, bedrijfsleven en tot slot de goede doelen.

Helaas brengt Opzij de wereld van het amusement -als drie in een huwelijk- onder bij de media. Ik zou denken dat journalistiek en vermaak twee verschillende grootheden zijn. Ik kan maar één gegronde reden verzinnen voor deze omissie en dat is (wel of niet) grappig bedoeld: nee toch, niet weer Linda de Mol ! Wat zou zij eigenlijk met haar geld doen? Komt er een familie de Mol Foundation? Haar broer staat op nummer 11 in de Quote 500.
We leven in een prestatiemaatschappij waarin de bekende Nederlanders graag op de voorgrond treden. Scoren met goede doelen is een rage. Maar er zijn ook geldgevers die belangeloos schenken aan mensen die dat nodig hebben, zonder dat zij zichzelf op tevee etaleren. Geen paternalisme of filantropisch gedachtegoed met dubbele agenda“s... geen sinterklaasconstructies.. geen subsidies met strijkstokken of geldverslindende instellingen maar gewoon altruļsme zonder eigen marktwaarde en kijkcijferamusement. Wat is er mooier dan onvoorwaardelijke liefde en een donatie van mens tot mens... Meer dan 1,4 miljard mensen leven wereldwijd in armoede, terwijl er minstens 800 miljardairs zijn. Er is toekomst voor het mecenaat.








  • het behouden & behoeden van familiearchieven is een taak voor iedereen

  • het archievenblad & het imago van de archivaris

  • weg met het object! verkopen, schenken, afstoffen of verkwanselen

  • Soestdijk, een museum voor familiegeschiedenis

  • het intergenerationeel besef dat jij niet de maat van alle dingen bent

  • de herwaardering van het familielievende ideaal

  • het ecosysteem van een koninklijke familie

  • elite, superkapitalisme of het mecenaat

  • geheime dagboeken & de pijn van een familie

  • erfgoedconsumptie-logica: zoeken is een kunst en vinden is een gunst

  • bibliotheek als bewaarplaats van nationaal geheugen

  • draagmoeders gezocht voor persoonsdossier